Masterproefatelier Diversiteit in sociaal wonen. Case Nieuw Gent

De komende 10 jaar zal de sociale woonwijk Nieuw Gent grondig veranderen. Met het stadsvernieuwingsprogramma 'Nieuw Gent Vernieuwt' zullen immers alle bestaande sociale woontorens (van de sociale woonmaatschappij WoninGent) worden afgebroken en vervangen door nieuwe huisvesting volgens een nieuw stedenbouwkundig plan. Ook de publieke ruimte en de voorzieningen zullen grondig worden herdacht en aangepakt. In dit masterproefatelier zullen wij deze grootschalige operatie in de uiterste diverse sociale woonwijk bestuderen en haar ruimtelijke en sociale doelstellingen en gevolgen van dichtbij en in samenwerking met betrokken stakeholders onderzoeken.

Dit masterproefatelier 'Diversiteit in Sociale Huisvesting' loopt al voor het derde academiejaar en werkt in algemene zin rond het woningvraagstuk in de stad Gent (eerder werkten we al op de sociale hoogbouwwijk Watersportbaan en sociale tuinbouwwijk St Bernadette in Gent. Ieder academiejaar bouwt verder op de lessen, resultaten en inzichten van de voorbije jaren.

De grondige vernieuwing van de wijk Nieuw Gent met daaraan gekoppelde verhuisoperatie deed al heel wat stof opwaaien. Ze roept heel wat belangrijke vragen op bij de verschillende stakeholders en het is de ambitie van de Stadsacademie die samen met hen nader te onderzoeken en nieuwe scenario's en beleidsaanbevelingen te ontwikkelen: hoe kan de nieuwe wijk een sociaal duurzame woonwijk worden? Wat met de bewoners die uit hun huis gezet worden? Hoe moet de nieuwe wijk er stedenbouwkundig uitzien en hoe zal ze binnen het bredere stedenbouwkundige ensemble van de omliggende buurten, infrastructuur, stedelijke voorzieningen en groenassen geïntegreerd worden? Wat zijn de voordelen van nieuwbouw tegenover renovatie en hoe kunnen de wachtlijsten in de sociale huisvesting worden ingekort in tijden van een grote renovatieopdracht? Hoe kan zo’n wijk duurzaam worden opgebouwd op vlak van warmtenet, circulaire economie en autodelen en hoe kan de wijk op een participatieve manier tot stand komen? Hoe kunnen mensen met zeer verschillende achtergronden samenleven en welke infrastructuur van ontmoeting kan hen (beter) samenbrengen? En in tijden van de COVID-19 pandemie niet te vergeten: Hoe zit het met de buurtgezondheidsvoorzieningen in de wijk?

Doorheen het academiejaar betrekken we in een aantal interne en publieke (online) workshops kernorganisaties zoals de sociale huisvestingsmaatschappij WoninGent, het stadsontwikkelingsbedrijf SoGent en de Dienst Wonen van de Stad Gent, nodigen we keynote speakers uit de academische wereld en het middenveld uit, en organiseren we publieke evenementen om een publiek debat op gang te trekken. Ook plannen we (indien de maatregelen tegen het coronavirus het toelaten) een aantal studiebezoeken ter plaatse om in gesprek te gaan met sociale initiatieven in te wijk (zoals Campus Atelier) en buurtbewoners. De bedoeling om de eindresultaten van de masterproeven en het gezamenlijke leerproces te valoriseren in de vorm van bijvoorbeeld een tentoonstelling.

Foto: Luce Beeckmans

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproefatelier-diversiteit-in-sociaal-wonen-case-nieuw-gent/

Slotevenement tentoonstelling Wonen in diversiteit

Dit is de slotactiviteit van de tentoonstelling “Wonen in diversiteit” die van 09 okt 2018 t/m 17 nov 2018 in de exporuimte van Bibliotheek De Krook te bezichtigen is.

Expo

Studenten presenteren aan de hand van posters 4 uitdagende woonmodellen uit binnen- of buitenland

Lezing (ENG)

19u-19u45: lezing van Sven Lager, de initiatiefnemer van Refugio Berlijn, Een voormalig bejaardentehuis dat omgetoverd werd tot een plek waar vluchtelingen, kunstenaars en studenten samenwonen, samenleven en activiteiten organiseren die ontmoeting tussen Berlijners en vluchtelingen stimuleren

Mini-lezingen (NL)

20u-21u: 4x15min experten
– Anika Depraetere (Universiteit Antwerpen): een verkenning van duurzame woonmodellen en de rol van het middenveld
– Bruno Meeus (University of Fribourg, VUB): ‘arrival infrastructures’: de potenties en risico’s van zelfopvang
– Sofie Demot (Coördinator bij Caritas International Belgium) (nog te bevestigen): Housing cafés en de begeleiding van nieuwkomers op de huisvestingsmarkt
– Hilde Reynvoet (Directeur Dienst Wonen, Stad Gent): de rol van de stad als actor op de vastgoedmarkt

Debat

21u-21u45: debat met alle deelnemers en studenten

https://stadsacademie.be/sessie/slotevenement-tentoonstelling-wonen-in-diversiteit/

Lezing Aankomen, blijven & wijken. Over de universiteit als pionier in kantelende wijken

De asielcrisis heeft de acute woningnood in de stad opnieuw in beeld gebracht. Nieuwkomers stoten niet alleen op een chronisch tekort aan sociale woningbouw en een moeilijke toegang tot de reguliere woningmarkt, ook blijkt een groot gebrek aan duurzame oplossingen voor tijdelijk opvang. Nieuwkomers zijn echter niet de enigen die op zoek zijn naar een tijdelijk verblijf in de stad. Het ontwikkelen van een infrastructuur voor tijdelijk wonen is immers een vraagstuk waar ook de universiteit mee te maken heeft. In deze sessie willen we reflecteren over de vraag of de stad en de universiteit samen kunnen werken aan een flexibele én permanente structuur voor tijdelijk verblijf die voor zowel studenten als nieuwkomers (en andere mensen in transit, zoals daklozen, expats en toeristen), en de stad als geheel een meerwaarde te bieden heeft? Kunnen we zo vermijden dat tijdelijk wonen resulteert in een ‘voorlopige’ architectuur? Kunnen we zo bouwen aan de toekomst in plaats van voor de nood en er voor zorgen dat investeringen niet steeds verloren gaan? Met welke partijen kunnen we werken aan nieuwe inversteringstrajacten en ontwikkelingsmodellen die een inclusiever wonen toe laten?

Ook de universiteit draagt bij aan de huidige woningnood in de stad. De aanwezigheid van studenten, gesubsidieerd door hun ouders of de staat, hebben de huurprijzen flink opgedreven. Deze bijzondere vorm van ‘studenten-gentrificatie’ vindt vandaag ook in stijgende mate plaats in de zogenaamde ‘aankomstwijken’ (waar nieuwkomers samenleven met meer gevestigde immigranten). In deze wijken worden studenten aangetrokken door de brede waaier van ‘infrastructuur van aankomst’: goedkope winkels, lage huurprijzen, dynamische en multiculturele cafés, restaurants en verenigingen. Wat heeft de universiteit deze wijken te bieden? In deze sessie vragen we ons af of de universiteit een potentiële actor kan worden in de ontwikkeling van deze ‘kantelende wijken’, in plaats van zich zoals nu bijna uitsluitend op de centrum-stad te concentreren. Kan de universiteit deze wijken injecteren met kwalitatieve vormen van (tijdelijke) huisvesting en (vaak ontbrekende) secundaire voorzieningen, zoals sportterreinen of bibliotheken, en daar tevens ook wel bij varen? En breder, kan een reflectie over de dynamiek in deze ‘kantelende wijken’ ons helpen om nieuwe, participatievere vormen van stadsvernieuwing te verkennen?

https://stadsacademie.be/sessie/lezing-aankomen-blijven-wijken-over-de-universiteit-als-pionier-in-kantelende-wijken/

Lezing en debat Diversiteit in sociale huisvesting

Tijdens deze workshop gingen de studenten van het masteproefatelier diversiteit in sociaal wonen (2019-2020) voor hun thesisonderzoek in gesprek met Pascal De Decker (KUL) en Sien Winters (KUL)

https://stadsacademie.be/sessie/lezing-en-debat-diversiteit-in-sociale-huisvesting/

Onderzoeksproject Ontwikkeling van een innovatief woonprogramma voor kwetsbare vluchtelingen op de huisvestingsmarkt

HEIM (coördinatie Luce Beeckmans/UGent en Jonas De Maeyer/Endeavour), een collectief dat werkt rond nieuwe vormen van samenwonen in diversiteit, ontwikkelt momenteel voor Vluchtelingenwerk Vlaanderen een innovatief woonprogramma voor vluchtelingen en kwetsbare groepen op de huisvestingsmarkt. Het uitgestippelde traject omvat onder meer 6 interactieve workshops waarop met mensen uit verschillende sectoren wordt gediscussieerd, zoals overheidsactoren, middenveldspelers, vrijwilligerswerkingen en burgerinitiatieven, maar ook architecten en planners, mensen die actief zijn in stedenbouw, huisvesting en opvang en vluchtelingen zelf. Met de input uit de workshops en uit een verregaande inventarisatie van belangrijke projecten uit binnen- en buitenland, wil HEIM uiteindelijk tot een aantal breed gedragen voorkeursscenario’s voor Vluchtelingenwerk Vlaanderen komen.

https://stadsacademie.be/onderzoek/onderzoeksproject-ontwikkeling-van-een-innovatief-woonprogramma-voor-kwetsbare-vluchtelingen-op-de-huisvestingsmarkt/

Innovation camps in Gent en Nijmegen (NL)

De Gemeente Nijmegen, Radboud Universiteit, Stad Gent en de Stadsacademie verbonden aan Universiteit Gent hebben samen twee innovation camps georganiseerd, één in Nijmegen en in Gent. Met Europese middelen uit het fonds ‘Science meets Regions/Science meets Parliaments’ konden een 15-tal studenten uit Nederland (Radboud Universiteit Nijmegen) en een 10-tal studenten uit België (Universiteit Gent) samen met bewoners en allerlei stedelijke actoren (i.c. beleidsmakers, middenveldorganisaties en economische actoren) op transdisciplinaire wijze nadenken over de leefbaarheid en duurzaamheid van twee aandachtswijken.

Op 17, 18 en 19 maart 2019 kwam iedereen samen in Nijmegen en werd gefocust op de vraag: hoe kan de achtergestelde wijk ‘Nijmegen Nieuw-West’ eruit zien in 2050? Geïnspireerd door het zogenaamde ‘exploratieve scenariodenken’ hielden de studenten rekening met zekere én onzekere technologische, economische, ecologische, demografische, culturele en maatschappelijke trends. In drie subgroepen kwamen zij tot creatieve inzichten voor bewoners, wijkprofessionals, ambtenaren en onderzoekers binnen drie thema’s: wijkeconomie, duurzame stedelijke ontwikkeling en sociale verschillen.

Op 9, 10 en 11 mei 2019 bezoeken de studenten uit Nijmegen hun collega’s uit Gent en wordt de wijk ‘Nieuw Gent’ het studiegebied. Daar gaan ze wederom gezamenlijk een toekomstverkenning uitvoeren en zullen ze oplossingsstrategieën ontwikkelen om een meer leefbare en duurzame wijk te verkrijgen.

https://stadsacademie.be/onderwijs/innovation-camps/

Masterproefatelier Diversiteit in sociale huisvesting. Case Sint-Bernadettewijk

Hoewel zowel sociale huisvesting als het diversiteitvraagstuk de laatste tijd erg veel in het nieuws aan bod komen, zijn beiden samen tot op heden nog maar weinig verkend en al helemaal niet vanuit de architectuur en stedenbouw. Nochtans kennen de meeste grootschalige sociale huisvestingswijken die het licht zagen na WOII een bijzonder diverse bevolkingssamenstelling. Hoewel ze vaak worden geconcipieerd als wijken zonder 'sociale mix' (in de klassieke zin van inkomensmix of housing tenure mix), zijn het in realiteit de meest superdiverse stedelijke woonwijken. Bovendien werden de sociale woonwijken destijds bedacht voor een vrij homogene populatie (en als volkshuisvesting in plaats van sociale huisvesting). De cruciale vraag is dan wat deze demografische shift betekent voor deze sociale huisvestingsprojecten? Het sociaal huisvestingspatrimonium is bovendien niet enkel langzaam onaangepast aan de diversiteit aan bewoners, het is ook in slechte staat en vraagt om vernieuwing en er is nood aan extra aanbod om wachtlijsten weg te werken. Dit vraagt om het herdenken van woningtypes, om het herdenken van stedenbouwkundige modellen voor de inpassing, en om het herdenken van mogelijke instrumenten om de verbreding en diversiteit te realiseren.

In dit atelier focussen we specifiek op de sociale tuinwijk St Bernadette in Gent, eigendom van sociale huisvestingsmaatschappij WoninGent. Deze tuinwijk uit 1923 deed heel wat stof opwaaien in de media sinds de woningen in 2018 door een Pano-reportage als ‘schimmelwoningen’ geportretteerd werden. Na een omstreden besluitvorming, zal de tuinwijk volledig gesloopt en vervangen worden door een 21ste-eeuws tuinwijkproject. Met de studenten en stedelijk actoren blikken we vooruit op de toekomst van de wijk vanuit verschillende perspectieven: woontypologie, bewonerstoe-eigening, collectieve voorzieningen, bovenlokale verbinding, participatie, moreel beraad en burgerschap.

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproefatelier-diversiteit-in-sociale-huisvesting-case-st-bernadette/

Masterproefatelier Wonen in diversiteit. Case Watersportbaan

Hoewel zowel sociale huisvesting als het diversiteitvraagstuk de laatste tijd erg veel in het nieuws aan bod komen, zijn beiden samen tot op heden nog maar weinig verkend en al helemaal niet vanuit de architectuur en stedenbouw. Nochtans kennen de meeste grootschalige sociale huisvestingswijken die het licht zagen na WOII een bijzonder diverse bevolkingssamenstelling. Hoewel ze vaak worden geconcipieerd als wijken zonder 'sociale mix' (in de klassieke zin van inkomensmix of housing tenure mix), zijn het in realiteit de meest superdiverse stedelijke woonwijken. Bovendien werden de sociale woonwijken destijds bedacht voor een vrij homogene populatie (en als volkshuisvesting in plaats van sociale huisvesting). De cruciale vraag is dan wat deze demografische shift betekent voor deze sociale huisvestingsprojecten? Het sociaal huisvestingspatrimonium is bovendien niet enkel langzaam onaangepast aan de diversiteit aan bewoners, het is ook in slechte staat en vraagt om vernieuwing en er is nood aan extra aanbod om wachtlijsten weg te werken. Dit vraagt om het herdenken van woningtypes, om het herdenken van stedenbouwkundige modellen voor de inpassing, en om het herdenken van mogelijke instrumenten om de verbreding en diversiteit te realiseren.

In dit atelier focussen we specifiek op de sociale hoogbouwwijk Watersportbaan in Gent. De woonblokken aan de Watersportbaan werd gebouwd van 1959 tot 1965. Het modernistisch geïnspireerde urbanisatieplan voorzag de bouw van elf blokken met ca. 1.300 appartementen op slechts 14% bebouwde oppervlakte. De oost-west georiënteerde inplanting liet nog veel ruimte voor groen, recreatie en voorzieningen. Het stadsbestuur verkocht de loten bouwgrond aan zes verschillende huisvestingsmaatschappijen die actief waren in Gent: de Gentse Maatschappij voor de Huisvesting, De Goede Werkmanswoning, Volkshaard, De Gentse Haard, de Oost-Vlaamse Huurderscoöperatie en de Huisvestingsmaatschappij van Vlaanderen. In praktijk werden de geplande gemeenschappelijke voorzieningen beperkt gerealiseerd omwille van budgettaire redenen. Vandaag zijn de woontorens in eigendom van vier huisvestingsmaatschappijen, namelijk WoninGent, De Gentse Haard, de Volkshaard en ABC. Enkele torens waaronder ‘Dennenhof’ en ‘Rozenhof’ van de Volkshaard werden gerenoveerd in 2010, de hoogbouwtoren ‘Belvédère’ van ABC in 2015. De hoogbouwtorens van WoninGent en De Gentse Haard verkeren vandaag in een mindere staat en enkelen zullen in de nabije toekomst worden vervangen. Bovendien bestaat er tot op heden geen masterplan om de site op een meer gestructureerde manier te herdenken. In dit masterproefatelier kijken we of een verbreding en vernieuwing van het woonaanbod mogelijk is in de toekomst.

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproefatelier-wonen-in-diversiteit-2/

Lezing Van hebben naar houden: over de energetische erfenis van de bouwwoede

Onder de titel ‘Van Hebben Naar Houden. Over de energetische erfenis van de bouwwoede’ nodigt De Stadsacademie je uit in het STAM voor een lezing door Dieter Delbaere, gevolgd door een publiek debat. Dieter Delbaere is medezaakvoerder van het Gentse architecten collectief URBAIN en zal het hebben over hoe zij in hun praktijk omgaan met de transformatieopgave op patrimoniumniveau.

Na WOII werden ons land en de economie letterlijk heropgebouwd. In de jaren 60-80 werden enorme bouwprogramma’s gerealiseerd voor allerhande institutionele bouwheren en parastatalen. Na de eerste energiecrises eind de jaren 70 en zeker nu de klimaatverandering sedert 2000 hoog op de politieke agenda staat, komen we tot de vaststelling dat de bouwlogica in de naoorlogse bouwwoede geen rekening heeft gehouden met een scenario waarin energie eindige grondstof is. En dit na 30 jaar neoliberaal beleid dat overheidsinvesteringen systematisch afbouwt. Vele institutionele bouwheren worden dan ook geconfronteerd met een onmogelijke keuze: het karige budget jaar na jaar de deur zien uitgaan om het huidige gebouwpark in stand te houden of investeren in energiebesparingen maar daardoor een deel van het patrimonium moeten afstaan.

Tegelijk zijn we niet in het reine met dit naoorlogs patrimonium. Heeft het erfgoedwaarde? Tekent deze architectuur ook de toekomst van de universiteit? Leent ze zich uberhaupt tot hergebruik? Wat is technisch mogelijk? Wat is zinvol op korte en op lange termijn? De praktische en strategische vraagstukken, normatieve en technische keuzes, lopen elkaar voor de voeten en vragen om ontrafeling. In deze sessie verkennen we bovenstaande vragen.

https://stadsacademie.be/sessie/lezing-van-hebben-naar-houden-over-de-energetische-erfenis-van-de-bouwwoede/

Onderzoeksatelier Meer stad buiten de stad

De centrale vraag van dit onderzoeksatelier is welke rol de 20ste eeuwse gordel kan innemen binnen de stadsregio en hoe het zich op succesvolle manier kan mengen in de klassieke strijd tussen stad en groene rand? Dit atelier focust zich op de stadsrand. Om de diversiteit en de verandering ervan in beeld te brengen onderzoeken we één deelgebied in de Gentse stadsrand langsheen de passage van de E17. De opgave voor het atelier stadsrand richt zich op het in beeld brengen en verkennen van concrete ontwikkelingskansen, en dit aan de hand van van vier gerichte deelonderzoeken. Deze vier deelonderzoeken schetsen op welke manier de stadsrand door gerichte ingrepen op een meer stedelijke leest kan geschoeid worden. Daarbij staat niet het beeld van de compacte binnenstad voorop maar wel de zoektocht naar een steviger collectieve basis. Daarmee doelen we op meer collectieve vormen van wonen, een publiek domein waarin de verschillende stedelijke schalen elkaar beginnen overlappen, een stedelijk bedieningsniveau voor openbaar vervoer, een beter uitgebouwd voorzieningenapparaat dat de bevolkingsgroei volgt, de nodige groen en recreatieruimte, de nodige vernieuwing die de stad voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering etc. Waar de stadsvernieuwing van de afgelopen twintig jaar via verdichtingsoperaties een intensievere bewoning van de bestaande stad organiseerde om zo de voordelen van stedelijk wonen met meer mensen te delen, komt het er vandaag op aan om meer stad te maken, meer ruimte waarin die stedelijke voordelen voorhanden zijn.

https://stadsacademie.be/onderwijs/onderzoeksatelier-meer-stad-buiten-de-stad/

Master studio’s Living the water landscape: Gentbrugse Meersen

From 2017 until 2020, the Master Studio B will explore how we can (and how we must) transform our habitat, from the scale of the house, to the street, the neighborhood and the urban landscape, in order to meet the ambitious goals we have set in terms of climate change reduction. It thereby aims to move beyond the current paradox of climate adaptation and mitigation in most parts of the developed world. While the urgency of climate change is understood, we are still hoping that we do not need to change our ways of living, working and moving. We are collectively in favor of climate mitigation and adaptation, as long as it doesn’t come too close to our own lives and environment. We are postponing and even revolting against the adaptation of our habits, of our direct living environment. But at the same time we know with absolute certainty that we cannot change the climate (meaning: slow-down or reverse our current path of climate change), if we do not change the way we live, work and move – the way we use space.

The Master Studio Series Redrawing our Habitat to Change the Climate is organized as a laboratory for the reversal of that logic. More than drawing and visualizing the effects of technocratic fixing or cladding of our built environment (so that it consumes less energy, emits less CO2, etcetera), the studio will focus on a more systematic and fundamental transformation or ‘re-urbanization’ of houses, neighborhoods, allotment areas and parts of the urban landscape. The participants are challenged to formulate and visualize a transformation of the existing urbanization, both as a ‘local solution’ for the climate problem, and as a strong (and possibly desirable) proposition for the qualities our living environment can gain when adapting ourselves to change the climate.

Under this umbrella and collective ambition, the participants in the studio will approach the challenge and proposed site from different and specific vantage points, and from different scales at the same time: from the scale of the concrete intervention (architecture, public space, landscape) to the larger scale of the urban landscape. As all participants (alone or in groups) choose a specific perspective (such as current and future inhabitants, rationalizing mobility, retrofitting the existing building stock, water and sewage infrastructures, public space, etcetera) the studio becomes a conversation between different dimensions of, and propositions for, the redrawing of our habitat. The Master Studio sets a context for its participants to develop knowledge and visions, and become experts on the biggest challenge of the coming decades: we must invent a practice for the re-urbanization of our dispersed urban field.

https://stadsacademie.be/onderwijs/master-studios-living-the-water-landscape-gentbrugse-meersen/

Workshop Groen versus ontharding

Studenten van de summer school klimaat deden onderzoek naar “ontharding” en vergroening van de campus naar aanleiding van nieuwe bouwprojecten, onder begeleiding van Riet Van de Velde (Afdeling Milieu) en Femke Lootens (coördinator Living Lab campus Sterre).

De studenten kwamen op met drie mogelijke scenario's: Decreatie, Compensatie en Recreatie.

https://stadsacademie.be/onderwijs/workshop-groen-versus-ontharding/

Vak Duurzame Steden: Duurzame stadsontwikkeling in Gentbrugge

In het vak ‘Duurzame steden’ staan complexe Gentse duurzaamheidsvraagstukken centraal. Het jaarthema wisselt en in het academiejaar 2020-2021 wordt gefocust op duurzame stadsontwikkeling in de 20ste-eeuwse Gentse rand centraal.

Gent groeit maar heeft het moeilijk om plaats te maken voor wie in de stad wil wonen. Dat leidt vooralsnog tot een oververdichting van de binnenstad en de 19de-eeuwse gordel. In de 20ste-eeuwse Gentse rand is er potentieel ruimte om dicht bij de centrumfuncties te wonen. Ook al is de dichtheid er minder hoog dan in de binnenstad, toch is het niet zo makkelijk om hier plaats te ruimen voor nieuwe Gentenaars. Het terrein is bezet met morsige bedrijventerreinen en villawijken. Een boeiend spanningsveld dient zich echter aan: co-housers steken er hun neus aan het venster en bouwaanvragen liggen bij de gemeente om twee ruimte- en energieverslindende villa’s te vervangen door een appartement. Ook vinden we er zowel de erfenis van de koolstofstad als fragmenten van de post-koolstofstad naast elkaar. Op Michelin-kaarten, niet toevallig gesponsord door een bandenfabrikant, is dit de ruimte waarop de lijnen van de snelweg het dikst zijn aangezet. Koning auto staat nog steeds centraal, maar vandaag worden in diezelfde ruimte ook fietssnelwegen aangelegd en wordt op oude steenwegen een rijvak opgegeven voor een vrije busbaan of tram.

Deze rand is meer en meer een plek waar verschillende visies op de stad botsen. In academische en beleidskringen wordt duidelijk dat een sterke, brede en duurzame visie nodig is inzake de (her)ontwikkeling van de 20ste-eeuwe rand rond onze steden. De Gentse stadsrand is dan ook een potentieel laboratorium om over verschillende duurzaamheidsuitdagingen en -transities tegelijk na te denken: kwaliteitsvol en betaalbaar wonen, verdichting en open ruimte, sociale uitsluiting en diversiteit, migratie en integratie, bereikbaarheid en mobiliteit, milieu en gezondheid, groen en biodiversiteit, etc. Om vanuit een voldoende scherpe en reële invalshoek deze verweven uitdagingen te verkennen, enkele analyses uit te voeren en kritisch te reflecteren, focussen we in dit vak op één specifiek gebied, met name de Gentse deelgemeente Gentbrugge. Specifiek willen we nadenken over de zin en onzin van een lokale aanpak. In hoeverre kunnen duurzaamheidstransities vanuit lokale processen en initiatieven beïnvloed worden? Waar en wanneer wel of niet? Welke ontsnappen aan een wijk- of gebiedsgerichte aanpak? En welke strategieën tekenen zich daarbij af en wat mogen we ervan verwachten? Stellen we onze hoop op de ‘commons’, een wijkmunt, wijkbudgetten, eco-wijken, nieuwe vormen van commerciële dienstverlening, deeleconomie, etc.

We vertrekken niet bij de antwoorden, maar wel bij de vraag en proberen te achterhalen welke sleutelonzekerheden het vraagstuk bepalen. Aan de hand van aangereikte kaders nemen we enkele stadsprojecten en niche-initiatieven in Gentbrugge onder de loep, ontwikkelen we mogelijke toekomstscenario’s (bv. wat als we de E17 hier wegdenken?) en denken we na over normatieve toekomstbeelden en enkele specifieke oplossingsstrategieën voor deze Gentse deelgemeente. Met dit geheel van opdrachten hopen we samen met de studenten en Gentse beleidsmakers een beter zicht te krijgen op hoe duurzame stadsontwikkeling er wel en niet kan uitzien in de 20ste-eeuwse gordel, welke transities zinvol kunnen zijn en hoe we op adequate wijze meerdere duurzaamheidsuitdagingen kunnen vertalen in robuust beleid.

https://stadsacademie.be/onderwijs/vak-duurzame-steden-duurzame-stadsontwikkeling-in-gentbrugge/

Masterproefatelier Circulair bouwen

Wat voorafging

Het onderwerp en de community van dit masterproefatelier kwamen voort uit de verkennende Stadsacademiesessie 'Living Lab campus Sterre', waar docenten, studenten, UGent medewerkers, stad Gent medewerkers, en andere betrokken actoren brainstormden rond de opgaves gerelateerd aan de transitie naar een duurzame en klimaatneutrale campus.

Er werd ook verder gewerkt met de resultaten van het masterproefatelier 'De erfenis van de bouwwoede en de renovatie-opgave', dat liep van 2018 tot 2019.

Inhoud

Studenten van de volgende opleidingen: industriële wetenschappen-industrieel design, industriële wetenschappen -bouwkunde, en bio-ingenieurswetenschappen onderzoeken binnen het masterproefatelier Circulair Bouwen de volgende onderzoeksvraag:

“Hoe kunnen we duurzaam en circulair materialengebruik in gebouwen ontwikkelen, stimuleren, implementeren?”

De scope van het masterproefatelier zijn de gebouwen van UGent.

Hierbij kunnen ze ideeën uitwisselen met medewerkers van de Dienst Gebouwen en Facilitair Beheer, het Department Milieu en andere experts.

Collectieve opdracht

De studenten droegen bij aan een interne nota rond circulair materalengebruik binnen de UGent (zie output).

Interesse?

  • Ben je docent en wil je rond dit thema met je studenten werken?
  • Ben je student en wil je graag rond dit thema je masterproef schrijven?
  • Werk je rond dit thema en wil je hier graag meedenken binnen de context van de stadsacademie?

Goed nieuws! Ook in 2021-2022 plannen we om met dit masterproefatelier verder te gaan.
 

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproefatelier-circulair-bouwen-2020-2021/

Masterproefatelier De erfenis van de bouwwoede en de renovatie-opgave

De Universiteit Gent kende een sterke groei in de eerste decennia na de tweede wereldoorlog. Dit leidde rechtstreeks tot een sterke aangroei van het gebouwd patrimonium. Een aanzienlijk deel van dit patrimonium werd gebouwd voor de energiecrisis. De gebouwen zijn vaak slecht geïsoleerd en bevatten verouderde energietechnologie. Dit patrimonium is een halve eeuw oud en is vandaag ook los van het energievraagstuk aan renovatie toe.

De universiteit werkt op dit moment aan een ambitieus investeringsplan om dit patrimonium duurzaam te renoveren. Hoewel dit een eenvoudige operationele vraag lijkt, is de complexiteit bij nader inzien groot. Het gaat om patrimonium van allerlei aard dat zich niet leent voor een passe-partout aanpak. Bovendien zijn allerlei denkrichtingen mogelijk. Men kan ervoor kiezen om een gebouw te renoveren in de huidige vorm in functie van het huidig gebruik. Maar men kan ook abstractie maken van dit huidig gebruik. Men kan er ook voor kiezen om een gebouw af te breken en anders te herbouwen, mogelijks compacter en aan hogere dichtheden. Tegelijk kan het wenselijk zijn om gebouwen van de hand te doen, of te ruilen met andere partners.

Het patrimonium uit de jaren 60 en 70 stelt ook specifieke bouwtechnische uitdagingen. Vele gebouwen kennen gebruik van zichtbeton, inclusief vele thermische bruggen. Tegelijk bepaalt de wijze van constructie de architecturale eigenheid en is het vanuit esthetisch oogpunt niet voor de hand liggend om de gebouwen zomaar in te pakken en de bestaande structuur te verbergen achter een isolatiepakket. Ook hier geldt dat maatwerk noodzakelijk zal zijn om tot de juiste afstemming tussen technische randvoorwaarden en ontwerpkeuzes te komen.

De renovatieopgave is niet alleen een kwestie van infrastructuur en techniek, maar is ook een uitdagend beheersvraagstuk. Operationeel, in die zin dat de verandering in overleg zal moeten plaats vinden met de huidige en toekomstige gebruikers van dit patrimonium. Meer zelfs, die gebruikers vormen een belangrijke sleutel voor het verbeteren van de duurzaamheid. Maar daarnaast speelt beheer een belangrijke rol om anders met infrastructuur om te gaan. Wil een universiteit nog lampen kopen of wil het licht (‘pay per lux’)? Wil het verwarmingstoestellen of wil het comfort in de gebouwen? Deze nieuwe paradigma’s stellen grote vragen over de rol van de huidige partijen die het beheer van de gebouwen waarneemt. Maar op een meer fundamenteel niveau is ook nog niet beantwoord hoe wenselijk de introductie van dergelijke concepten is. Veel zal afhangen van de wijze waarop dit gebeurt, en vooral met welke partners.

In de meest ingrijpende scenario’s waarin gebouwen of grondposities worden geruild, infrastructuur met andere partners wordt gedeeld, etc. stelt het renovatievraagstuk de universiteit voor heuse bestuurlijke uitdagingen. Welke nieuwe bestuurlijke arrangementen zijn nodig om de samenwerking rond warmtenetten, rond wijkparkeren, rond integrale mobiliteit, etc. mogelijk te maken en zo de campussen van de universiteit op te laten gaan in de stedelijke deeleconomie van morgen. Hoe kan de universiteit daar voordeel aan ontlenen, mogelijks oplossingen vinden voor de budgettaire krapte, en participeren in de brede stedelijke duurzaamheidstransitie?

Dit onderwerp wordt begeleid door medewerkers van de Dienst Gebouwen en Facilitair Beheer en de Milieudienst van de universiteit alsook het Team van de Gentse stadsbouwmeester.

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproefatelier-de-erfenis-van-de-bouwwoede-en-de-renovatie-opgave/

Lezing Mobility justice across scales

Who moves freely? Who gets stopped? In this talk, Mimi Sheller offers an overview of how the regimes of power that govern movement produce inequality and differential mobilities at all levels.

On a local level where the circulation of people, resources, and information privileges elites, while preventing access and endangering the poor. On an urban scale, with questions of public transport, “the right to the city,” sustainable mobilities, and “green gentrification.” On the planetary level, where tourists and wealthy elites roam freely, while migrants and those most in need are imprisoned at the borders or sent back to zones of violence and climate disaster.

The struggle for mobility justice must connect the body, street, city, nation, and planet; and can forge new connections among social movements.

Mimi Sheller, Ph.D., is Professor of Sociology and Director of the Center for Mobilities Research and Policy at Drexel University in Philadelphia. Together with John Urry, she helped to establish the new interdisciplinary field of mobilities research. She is author of multiple articles and books, including Mobility Justice: The Politics of Movement in an Age of Extremes (Verso, 2018).

https://stadsacademie.be/sessie/lezing-mobility-justice-across-scales/

Stadsacademiesessie Mobiel zonder auto

Met de invoering van het nieuw circulatieplan, toont stad Gent de ambitie om het hoofd te bieden aan de toenemende mobiliteitsdruk op de binnenstad. Wanneer we de focus enkele kilometers verleggen en inzoomen op het gebied dat zich opspant tussen de kleine en de grote ring, is die scherpe visie er nog niet.

De stadsrand bevindt zich vooralsnog buiten de lokale discussie. Nochtans zullen de twintigste eeuwse wijken de komende jaren meer en meer het onderwerp vormen van stadsontwikkeling en – verdichting. Binnen dit debat stellen we de vraag in hoe mobiliteitsgestuurd plannen een sleutel kan vormen binnen een toekomstig verstedelijkingsperspectief. Nog meer dan in de binnenstad betekent dit denken voorbij de auto, voorbij de carbon stad die net in die stadsrand vorm kreeg.

Hoe maken we de slag naar hoogwaardig en stedelijk georiënteerd openbaar vervoer? Waar vormt de fiets de sleutel voor verdere verstedelijking? Welke stedelijke projecten zijn er mogelijk wanneer we de passage van de E17 tussen de kleine en de grote ring weghalen? Hoe verschuift de betekenis van de grootschalige functionele enclaves, bedrijventerreinen en campussen bij een veranderend mobiliteitspatroon?

Als we in de toekomst mobiel willen blijven moeten we durven denken voorbij het status quo van de auto-afhankelijke stadsrand. Nadenken over mobiliteit van ring tot ring, is nadenken over nieuwe infrastructuur en nieuwe platformen van waaruit we mobiliteit organiseren, met andere rollen voor overheid, markt en civiele partijen.

De avond begint met een lezing, gevolgd door een publiek debat.

https://stadsacademie.be/sessie/stadsacademiesessie-mobiel-zonder-auto/

Onderzoeksproject Duurzame stadsontwikkeling in Gent Sint-Pieters: sociaal-ruimtelijke metamorfose van een stationsbuurt

Organisatoren
Onderzoekers en studenten van de vakgroep Sociaal Werk en Sociale Pedagogiek (UGent), medewerkers van Architecture Workroom Brussels en collega’s van de diensten Beleidsparticipatie en Stedelijke Vernieuwing (Stad Gent) sloegen de handen in elkaar. Doorheen observaties, gesprekken, wandelingen, … gingen ze op zoek naar persoonlijke verhalen, de betekenis van plekken en mogelijke kansen om bruggen te slaan tussen bestaande en vaak nog sluimerende dynamieken en ruimere ontwikkelings- en ontwerpprocessen. Dit resulteerde in een sociaal-ruimtelijke mapping van de stationsbuurt.

Inhoud
Met haar structuurvisie 2030 – Ruimte voor Gent zet Stad Gent in op een mensgerichte ruimtelijke planning, die vertrekt van de leefwereld van Gentenaars en van Gent-gebruikers. De ambitie om ‘een stad te maken voor en mét iedereen’ stoot in de praktijk echter op heel wat grenzen. Zo laat wat er speelt in de leefwereld van bewoners en gebruikers zich niet zomaar pasklaar vertalen naar een stedenbouwkundig masterplan. Bovendien schieten inspraakprocedures, klankbordgroepen en grootse bevragingen vaak hun doel voorbij voor een diversiteit van kwetsbare burgers die gevat worden in de concentratie van sociale ongelijkheid en processen van marginalisering op bepaalde plekken in Gent, gerelateerd aan armoede en precariteit, handicap, migratie, leeftijd (kwetsbare jongeren en ouderen in het kader van de vergrijzing), enzovoort. De vraag hoe zorg en welzijn vervlochten kunnen worden in het stedelijk weefsel staat in dit project centraal.

In de omgeving van het Gentse Sint-Pietersstation werd recent een sociaal-ruimtelijk onderzoek opgezet om na te gaan hoe deze buurt, die in volle transformatie is, een aantrekkelijke en levendige buurt kan zijn, worden en/of blijven voor zowel mensen die zowel in de buurt wonen (permanent of tijdelijk), maar ook voor mensen die in en door de buurt komen en gaan (zoals werknemers, pendelaars, scholieren, reizigers, (dagjes)toeristen, winkelaars,.. ).

https://stadsacademie.be/onderzoek/duurzame-stadsontwikkeling-in-gent-sint-pieters-sociaal-ruimtelijke-metamorfose-van-een-stationsbuurt/

Atelierreeks Take Care! (On)zichtbare zorg als sociaal-ruimtelijk vraagstuk

Inhoud en type van de activiteit
Via een vijfdelige atelierreeks van lezingen en workshops (2019-2021) verkenden we twee grote ontwikkelingen in het Vlaams zorg- en welzijnsbeleid van de laatste jaren: de vermaatschappelijking van de zorg en de omslag naar een persoonsvolgende financiering. In beide ontwikkelingen ligt de nadruk op zelfstandigheid van de zorgvrager in de samenleving, en is het uitgangspunt een doorgedreven samenspel tussen formele en informele zorg. Deze ontwikkelingen manifesteren zich uitdrukkelijk in de manier waarop we de ruimte voor zorg inrichten in vormgeven.

In de drie laatste ateliers gaan we vervolgens dieper in op sociaal-ruimtelijke deelopgaven bij de implementatie van deze beleidsaccenten. In het atelier ‘Tussen thuis en instelling’ staan we stil bij de transities in wonen, in het atelier ‘Zorg voor de buurt’ focussen we op de synergie en inbedding van zorg in het sociaal weefsel van woonzorgomgevingen, en in het laatste atelier ‘Voorbij de afzondering van de uitzondering’ gaan we op zoek naar de gevolgen van de vermaatschappelijking in de residentiële zorg.

De atelierreeks bouwt verder op de inzichten die eerder met de pilootprojecten ‘Onzichtbare zorg’ zijn ontwikkeld. De doelstelling is om de uitgebreide kennis en ervaring bij een grote diversiteit van betrokken partijen te verbreden en te verdiepen, om zo verder de weg te bereiden voor een vermenigvuldiging van vernieuwende initiatieven en praktijken in de toekomst.

https://stadsacademie.be/sessie/atelierreeks-take-care-onzichtbare-zorg-als-sociaal-ruimtelijk-vraagstuk/

Ecodesign Challenge Biodiversiteit op campus Sterre

Tijdens de ecodesign challenge georganiseerd door UGent in samenwerking met Vlaanderen Circulair, GLIMPS en BOS+ werkten biologie en industrieel design studenten samen aan oplossingen voor meer biodiversiteit op campus Sterre. . De studenten kregen een geleide rondleiding op campus Sterre, en gingen daarna aan de slag via de design thinking methode. Hun prototypes en plannen werden uiteindelijk voorgesteld aan een jury die bestond uit medewerkers van Vlaanderen Circulair, GLIMPS, BOS+, het Living Lab campus Sterre en de decaan van de faculteit Wetenschappen, die gehuisvest is op campus Sterre.

https://stadsacademie.be/onderwijs/ecodesign-challenge-biodiversiteit-op-campus-sterre/

Bachelorproeven campus Sterre fossielvrij

Meer dan 60 studenten van de opleiding industriële ingenieur werkten voor hun bachelorproefonderzoek rond verschillende oplossingen voor het loskoppelen van Campus Sterre van fossiele energie.

Om tot een eerste concept te komen werd er een speeddate georganiseerd met medewerkers van het Departement Milieu en de Dienst Gebouwen en Facilitair Beheer.

Hierna werkten de studenten in groepjes rond verschillende ideeën, en gebruikten ze het discussiekader van prof. Block om een duurzaamheidsreflectie uit te voeren en voor te stellen.

https://stadsacademie.be/onderwijs/bachelorthesissen-campus-sterre-fossielvrij/

Onderzoeksproject Living Lab campus Sterre

Een duurzame en klimaatneutrale campus

De UGent wil tegen 2050 CO2 neutraal zijn. Een belangrijk onderdeel van deze transitie is het gebouwenpatrimonium dat aan renovatie toe is en waarbij de infrastructuur ook duurzamer beheerd en gebruikt moet worden.

De universiteit als living lab

In de Stadsacademie vindt actie-onderzoek en actie-onderwijs plaats rond duurzaamheidsvraagstukken die relevant zijn voor de stad Gent en/of voor de UGent. De universiteit kan zo dienen als living lab waarbij de eigen instelling als een levend laboratorium wordt gebruikt en studenten, onderzoekers, docenten en de Centrale Administratie met hun enorme kennis bijdragen aan duurzame oplossingen.

Transdisciplinair onderzoek rond klimaatopgaves

De uitdaging om naar een duurzamere campus te evolueren past dan ook goed in de filosofie en werkwijze van de Stadsacademie. Daarom is er met steun van het Vlaams Klimaatfonds het living lab campus Sterre opgericht. Hierbij zullen studenten, onderzoekers, docenten, de Centrale Administratie, en andere betrokken actoren samen aan de klimaatopgaves van de campus werken.

Dit gebeurt via transdisciplinaire experimenten waarbij klimaatopgaves van campus Sterre worden geïdentificeerd door middel van sessies met studenten, docenten, vertegenwoordigers van de Centrale Administratie en externe actoren. Deze klimaatopgaves worden dan onderzocht door de studenten door middel van transdisciplinaire masterproefateliers, bachelorproeven, stages en andere opdrachten met terugkoppeling naar de betrokken actoren. De resultaten en uitdagingen worden via lezingen aan een breder publiek voorgesteld.

Om de opdracht haalbaar te houden werd gekozen om twee jaar op één campus, namelijk campus Sterre, te focussen, waarna inzichten en resultaten kunnen meegenomen worden naar andere campussen binnen en buiten UGent. Voor deze twee jaar is er een deeltijdse Living Lab coördinator aangeworven die als brug zal fungeren tussen de verschillende actoren en mee de sessies, masterproefateliers en lezingen zal faciliteren.

https://stadsacademie.be/onderzoek/living-lab-campus-sterre/

Aftrap Living Lab campus Sterre

Wat

Deze sessie is de aftrap van het living lab campus Sterre, waarbij de campus als experimenteerruimte dient voor studenten, universiteitsmedewerkers, academisch personeel en externe actoren die samen innovatieve maatregelen uitwerken om de campus  duurzamer en klimaatvriendelijker te maken.

De transitie naar een duurzame en klimaat neutrale campus stelt de universiteit niet alleen voor energetische bouwtechnische uitdagingen, maar evenzeer voor vraagstukken inzake verdichting, grondposities, eigenaarschap, beheer, circulaire economie, toegankelijkheid, delen van ruimte, etc.

In het living lab willen we docenten, onderzoekers, administratief en technisch personeel, studenten en externe actoren samenbrengen om actie-onderzoek en actie-onderwijs te doen rond deze klimaatopgaves op campus Sterre. De eerste stap hierin is om tijdens de stadsacademiesessie het vraagstuk vanuit de verschillende perspectieven van de verschillende actoren te belichten en zo tot een beter begrijpen van de opgaves te komen.

Programma

De stadsacademiesessie start met een korte introductie van het living lab project, de ervaringen van de studenten die al deel uitmaakten van het living lab en de uitdagingen in verband met de transitie van de campus.

Hierna worden deze uitdagingen verder verkend door in verschillende rondes in kleine groepjes te brainstormen in een “world café” setting.

De uitkomst van deze brainstorm zal gebruikt worden om mogelijke opgaves te identificeren waar studenten samen met de andere betrokkenen onderzoek op kunnen uitvoeren.

https://stadsacademie.be/sessie/aftrap-living-lab-campus-sterre/

Masterproef Biodiversiteit en ontharding

Van beton naar naar bloemrijk grasland: hiermee experimenteren studenten, medewerkers van de UGent en onderzoekers van het labo Bos en Natuur op campus Sterre.

Dankzij de UGent groenbeheerders werd een voetpad onthard en omgevormd tot een proeftuin. Het is niet evident om na het wegnemen van stoeptegels en stabiliserende lagen een biodivers stukje groen te maken. Daarom testen we in een blokkenproef hoe je een bloemrijk grasland kan creëren op een dergelijke urbane standplaats: verschillende substraten, bloemenmengsels of lokaal hooi met bloemenzaden van de Campus Sterre.

Thesisstudent Pablo volgt het eerste jaar van het experiment op en vergelijkt met (oudere!) ingezaaide urbane bodems in Gentse parken.

https://stadsacademie.be/onderwijs/masterproef-biodiversiteit-en-ontharding/

Buurtsafari Living Lab campus Sterre en Living Lab HOGENT

De UGent en HOGENT toveren hun campussen om tot levende laboratoria voor klimaatoplossingen.

In de buurtsafari maak je een wandeling langs verschillende bijzondere plekken, waar een expert telkens met veel plezier uitleg geeft over de verschillende aspecten van Living Lab HOGENT en Living Lab UGent. Afsluiten gebeurt met een drankje in de burenbar Cabane Banane.

Meer info op Facebook.

https://stadsacademie.be/sessie/buurtsafari/

Studentenpresentatie Sneuvelnota ‘Material matters’ & masterproeven

Collectieve opdracht binnen het masterproefatelier circulair bouwen

De studenten van het masterproefatelier circulair bouwen doen thesisonderzoek naar verschillende aspecten van duurzaam en circulair bouwen. Als onderdeel van het masterproefatelier werken ze ook samen aan een collectieve opdracht: het herwerken van een bestaande sneuvelnota van de UGent rond circulair materialengebruik met hun inzichten en toevoegingen rond circulair bouwen.

Studentenpresentatie

Deze hernieuwde nota 'Materials Matter' en het thesisonderzoek van de studenten werd voorgesteld door de studenten in een online setting aan UGent medewerkers van het Projectbureau, Technisch Bureau en Facilitair Bureau van de Dienst Gebouwen en Facilitair  Beheer, UGent medewerkers en van het Departement Milieu, en promotoren en begeleiders. Er was ook ruimte voor vragen en discussie.

https://stadsacademie.be/sessie/studentenpresentatie-sneuvelnota-material-matters-masterproeven/

Studentenproject rond logistieke stromen op campus Sterre

Challenge based learning binnen het vak 'Geografie van de Onderneming'

In het kader van het project ‘Call for Challenges’ van Durf Ondernemen en het Living Lab campus Sterre gingen studenten binnen het vak Geografie van de Onderneming aan de slag rond de vraag ‘Hoe kunnen we de logistieke bewegingen op campus Sterre optimaliseren zodat er minder overlast en meer ruimte voor voetgangers, fietsers, ontmoetingsplekken, groen … komt?

De studenten gingen aan de slag met data van de UGent rond de logistieke processen op campus Sterre en verzamelden daarnaast nog extra gegevens van een aantal leveranciers. Deze data werd samengevoegd om zo de verschillende logistieke stromen in kaart te brengen. Er werd ook gekeken naar praktijkvoorbeelden van andere organisaties en op basis hiervan werden verschillende voorstellen ontwikkeld voor de optimale inrichting van de logistieke stromen op de campus.

Online presentatie voor een diverse jury

De studenten werden tijdens het maken van deze analyse begeleid door de docenten, en kregen ook input van personeelsleden van UGent die in de praktijk bezig zijn met dit vraagstuk. Als slotstuk werden de bevindingen voorgesteld in een online event aan een jury bestaande uit UGent medewerkers van het Departement Milieu, Projectbeheer Directie Financiën, Centrum voor Duurzame Ontwikkeling en daarnaast ook door enkele internationale gasten uit het EIT Urban Mobility netwerk.

Het was de eerste keer dat de docenten in het vak via ‘challenge based learning’ werkten, maar het was een positieve ervaring voor de docenten en studenten. Volgend jaar zal er wellicht verder gewerkt worden op hetzelfde thema, waarbij er dieper zal worden ingegaan op de vragen die nu nog open staan.

https://stadsacademie.be/onderwijs/studentenproject-rond-logistieke-stromen-op-campus-sterre/

Circulair bouwen

De Universiteit Gent bezit een patriomonium dat deels verouderd is, en niet altijd beantwoord aan de huidige vragen van onderwijs en onderzoek. Renovatie en nieuwbouw zijn nodig. In het streven naar een klimaatneutrale en duurzamere campus dient dit zo circulair, energie-efficient en duurzaam mogelijk te gebeuren.
Daarom gaan we binnen het traject Circulair Bouwen met studenten, docenten, de Dienst Gebouwen en Facilitair Beheer, de Afdeling Milieu en externen aan de slag met de volgende vragen: hoe maak je de afweging tussen renovatie en nieuwbouw? Is het mogelijk om gebouwen op een circulaire manier af te breken? Hoe bouw je voor een duurzamere en circulaire toekomst? Hoe stimuleer je duurzame & circulaire technologiën en infrastructuur? Hoe kan de universiteit zich anders organiseren om duurzaam en circulair bouwen te faciliteren?

https://stadsacademie.be/traject/circulair-bouwen/

Living Lab campus Sterre

Het Living Lab campus Sterre is een project gefinancierd door het Vlaams Klimaatfonds waarbij de campus als experimenteerruimte dient voor studenten, universiteitsmedewerkers, academisch personeel en externe actoren die samen innovatieve maatregelen uitwerken om de campus duurzamer en klimaatvriendelijker te maken.

https://stadsacademie.be/traject/living-lab-campus-sterre/

Wonen in diversiteit

In het traject 'Wonen in Diversiteit' bekijken we twee urgente stedelijke vraagstukken aan de hand van concrete cases: het woonvraagstuk en het diversiteitsvraagstuk. Samen gaan we op zoek naar experimentele concepten die een antwoord kunnen bieden op de permanente crisis van het stedelijk wonen en de uitdaging van samenleven in diversiteit. Het atelier focust op vragen zoals: hoe moeten steden sociaal en ruimtelijk omgaan met de steeds diverser wordende samenleving? Welke oplossingen zijn er voor de disfunctionele Gentse huurmarkt? Hoe kunnen sociale huisvestingsmaatschappijen hun patrimonium vernieuwen en tegelijkertijd de wachtlijsten inkorten?

Het traject ‘Wonen in Diversiteit’ grijpt met andere woorden het diversiteitsvraagstuk aan om de reflectie over de toekomst van het stedelijk woonbeleid te concretiseren. Het diversiteitsvraagstuk en het woningvraagstuk op elkaar betrekken vraagt om het herdenken van woningtypes en stedenbouwkundige modellen voor de inpassing, het heruitvinden van participatietrajecten en burgerinspraak, en het ontwikkelen van nieuwe beleidsinstrumenten en beheerscoalities om de verbreding en diversiteit te realiseren.

https://stadsacademie.be/traject/diversiteit-in-wonen/