Voedselondersteuning
docenten
studenten
actoren
contact
Steeds meer mensen moeten noodgedwongen en voor lange tijd rekenen op voedselhulp. In Gent kunnen zij terecht bij sociale organisaties verspreid over de stad. Deze organisaties delen voedsel uit dat ze krijgen via de Belgische Federatie van Voedselbanken en het Gentse logistiek platform Foodsavers. Deze initiatieven draaien grotendeels op de inzet van vrijwilligers.
Hoewel deze organisaties belangrijk werk verrichten, rijzen er fundamentele vragen over de duurzaamheid van voedselhulp als structurele oplossing. Vanuit het masterproefatelier Voedseldemocratie (2022-2023) formuleren we drie kritische bedenkingen bij het huidige model van voedselondersteuning.
1. Voedselhulp biedt geen duurzame oplossing voor voedseloverschotten
Zelfs als de noodzaak voor voedselhulp verdwijnt, zullen voedseloverschotten in de huidige structuur van de voedselindustrie blijven bestaan. De enige echte oplossing voor het voedselverspillingsprobleem ligt in preventie aan de bron: overschotten moeten worden verminderd tijdens de productie en distributie. Dit kan alleen door structurele veranderingen in de manier waarop voedsel wordt geproduceerd, gedistribueerd en geconsumeerd.
2. Voedselhulp biedt geen duurzame oplossing voor armoede
Het feit dat steeds meer mensen op voedselondersteuning moeten terugvallen, wijst eerder op een falend sociaal vangnet dan op een succesvol systeem van armoedebestrijding. De voortdurende groei van voedselhulp leidt tot een normalisering. Het risico hiervan is dat voedselondersteuning als een vast onderdeel van het sociaal beleid wordt beschouwd, in plaats van een tijdelijke maatregel. Dit zorgt ervoor dat er onvoldoende aandacht gaat naar het ontwikkelen van beleid dat sociale grondrechten - zoals recht op voedselzekerheid, een leefbaar inkomen, en toegang tot basisbehoeften – op een structurele manier waarborgt.
3. Hulpvragers en vrijwilligers worden te weinig gehoord in het debat over voedselhulp
Hoewel voedselhulp in tijden van schaarste vaker aan bod komt in de media, is de participatie van hulpvragers en vrijwilligers van lokale voedselondersteuningen in het maatschappelijk debat gering. Ook de beleidsparticipatie van hulpvragers en vrijwilligers schiet tekort. Nochtans is de participatie van ervaringsdeskundigen aan het maatschappelijk debat en beleidsvorming rond voedselhulp belangrijk om beter te begrijpen wat de beperkingen en mogelijkheden van voedselhulp zijn.
Voedselondersteuning 2.0?
Op basis van deze inzichten gaan we dit jaar aan de slag. We brengen het Gentse voedselhulpsysteem grondiger in kaart en gaan in dialoog met armoedeorganisaties en voedselverdeelpunten. Samen zoeken we naar structurele, duurzame oplossingen die zowel voedselverspilling als armoede bij de wortel aanpakken.
Wat is een masterproefatelier?
In een masterproefatelier van de Stadsacademie onderzoeken studenten uit verschillende opleidingen, in het kader van hun bachelor- of masterproef, eenzelfde stedelijke duurzaamheidskwestie. Stedelijke actoren zoals beleidsmakers, experts, burgercollectieven en middenveldorganisaties worden gedurende het hele proces betrokken, van het formuleren van het probleem en de onderzoeksvragen tot de valorisatie van de inzichten. In de masterproefateliers staan leren van elkaar en experimenteren centraal. Met het onderzoek en de resultaten proberen we bij te dragen aan maatschappelijke verandering richting duurzame steden.