Hoe beïnvloedt de gedwongen verhuis en de geplande vernieuwing van de sociale tuinwijk, de Sint-Bernadettewijk, de ervaringen rond burgerschap voor bewoners die niet willen verhuizen?
auteur(s)
Abstract
Deze masterproef analyseert of de praktijk van een gedwongen verhuis van bewoners in sociale huisvesting hun ervaringen met burgerschap beïnvloedt. Deze analyse werd gemaakt op basis van een kwalitatief onderzoek in de Sociale woonwijk, de Sint-Bernadettewijk, die deel uitmaakt van het patrimonium van de sociale huisvestingsmaatschappij WoninGent. De gedwongen verhuis kadert binnen de nood aan renovatie van het bestaande patrimonium van WoninGent. Vanwege de ouderdom van de wijk – 100 jaar – ziet de sociale huisvestingsmaatschappij geen andere mogelijkheid dan over te gaan tot een volledige sloop en de herbouw van een nieuwe, 21ste -eeuwse tuinwijk. Sinds de aankondiging van het plan om de wijk te slopen is er een groep bewoners overgegaan tot hevig protest tegen de beslissing. Deze groep wordt sinds begin dit jaar ondersteund door een groep jongeren die een huis in de woonwijk gekraakt hebben en wekelijkse samenkomsten zijn beginnen plannen. De eis van de bewoners en de krakers is dat WoninGent stopt met hun repressieve manier van werken en meer in gesprek gaat met de bewoners en hierbij een fasering van de sloop moet bekijken. Door tal van deze protestactiviteiten en bijeenkomsten bij te wonen kon ik een data-analyse maken door middel van één-op-één interviews uit te voeren, een enquête rond te delen en vele informele gesprekken te voeren. Ik koos ervoor om te werken met drie deel-vragen die me uiteindelijk in staat heeft gesteld om mijn onderzoeksvraag te beantwoorden. Deze deel-vragen gingen over deelaspecten van burgerschap, zijnde de relatie tussen staat – burger, het gemeenschapsgevoel en de kwestie ‘wie wordt er gezien als goede burger in de samenleving?’
— Abstract, overgenomen uit de masterproef.