STADSACADEMIE is een platform voor samenwerking tussen Universiteit Gent en stedelijke actoren rond Gentse duurzaamheids­kwesties via transdisciplinair onderzoek en onderwijs.

Masterproef

De financiële en ecologische impact van renovatiestrategieën voor Vlaamse eengezinswoningen

lees op libcatalog.ugent.be

auteur(s)

co-promotoren

--

begeleiders

--

Inleiding

De noodzaak om het Vlaamse woningpark grondig energetisch te renoveren is de afgelopen jaren aanzienlijk toegenomen. Deze druk komt niet alleen voort uit de stijgende energieprijzen en de maatschappelijke roep om CO₂-uitstoot te reduceren, maar wordt sinds 1 januari 2023 ook wettelijk ondersteund via de renovatieverplichting. Nieuwe eigenaars van woningen met een EPC-label E of F zijn sindsdien verplicht om binnen vijf jaar hun woning te renoveren tot minstens label D (Vlaanderen.be, z.d.).

Tegenover deze achtergrond rijst een belangrijke vraag: in hoeverre zijn de huidige renovatieverplichtingen en -aanbevelingen werkelijk haalbaar en wenselijk voor de doorsnee Vlaamse eigenaar? Vlaanderen kent immers een woningpark dat grotendeels bestaat uit verouderde en slecht geïsoleerde woningen. Veel eigenaars, met name jonge gezinnen met lange hypothecaire looptijden tot 25 jaar, ervaren een groeiende financiële druk. Hoewel het behalen van EPC-label A als beleidsmatig streefdoel naar voren wordt geschoven, lijkt dit in de praktijk vaak economisch onhaalbaar, zeker zonder substantiële financiële stimulansen of ondersteuning.

Daarbij komt dat het EPC-label een theoretisch middel blijft. Het drukt een potentieel energieverbruik uit onder standaardomstandigheden, maar zegt weinig over het werkelijke energieverbruik of de reële uitstoot van de woning. Deze representatie roept fundamentele vragen op over de effectiviteit van het EPC-label als instrument om de Europese klimaatdoelstellingen te realiseren. Het systeem laat toe dat welgestelde burgers hun privézwembad verwarmen en daar positieve erkenning voor krijgen, terwijl mensen met een label F woning in energiearmoede noodgedwongen in koude, inefficiënte woningen leven, als de oorzaak van het klimaatprobleem worden gezien.

Bovendien blijkt dat huidige rendabiliteitsanalyses van doorgedreven renovaties naar label A worden vaak voorgesteld zonder nuance: investeringen worden voorgesteld als vanzelfsprekend rendabel, zonder ze altijd af te wegen tegen alternatieve bestedingen van hetzelfde budget. In dat opzicht werken ze eerder als overtuigingsinstrumenten dan als kritische evaluaties.

Volgens een studie van het Vlaams Energieagentschap uit 2019 plant slechts 30% van de nieuwe eigenaars een energetische renovatie. Onder verkopers ligt de bereidheid zelfs nog lager: 73% voert geen energetische ingrepen uit alvorens de woning te koop aan te bieden, zonder veel duidelijkheid of dit voor hun een economisch voordeel kan bieden of niet (Vlaams Energieagentschap, 2019). Deze cijfers tonen aan dat er een duidelijke kloof bestaat tussen de beleidsdoelstellingen en het feitelijke gedrag van particuliere eigenaars.

Deze thesis vertrekt vanuit het perspectief van de individuele eigenaar-bewoner en vertrekt niet vanuit de logica van het beleid, maar stelt die logica zelf in vraag. Enkel zo kan worden onderzocht welke renovatiestrategieën financieel realistisch zijn, welke belastingmaatregelen nodig zouden zijn om ze af te dwingen, en of die maatregelen maatschappelijk aanvaardbaar blijven.

— Inleiding, overgenomen uit de masterproef.