Blok B op het UZ Gent. Een analyse van de mogelijkheden tot hergebruik van gebouwonderdelen en materialen. Ontmanteling voor hergebruik mogelijk maken door het herschrijven van het UGent typebestek
auteur(s)
Abstract
Wellicht vindt de omwenteling naar een circulaire bouwindustrie vooreerst plaats in onze woordenschat. Waar ‘afbraak’ ‘ontmanteling’ wordt, zal ‘afval’ een ‘materiaalbron’ zijn, alsook een ‘sloper’ bestaan als een ‘professionele terugwinnaar’. Op die manier kan een gebouw aan het einde van zijn leven dienen als voorraadkast voor het volgende gebouw aan het begin van het zijne. Als die eerste barrière inderdaad literair is, zal deze masterthesis onderzoeken hoe deze nieuwe woorden kunnen worden ingevuld, wat ze precies betekenen, maar vooral hoe een publieke bouwheer zoals de Universiteit Gent (UGent) zich meester maakt van deze taal.
Het nieuwe masterplan van het Universitair Ziekenhuis Gent (UZ Gent) heeft de afbraak van het oude Blok B tot gevolg. De Directie Gebouwen en Facilitair Beheer (DGFB) van UGent wil de kans grijpen om de sloop van Blok B uit te voeren als pilootproject voor duurzame afbraak met maximale terugwinning van bouwmaterialen. Een proces dat niet evident wordt ervaren en waar zich meerdere struikelblokken, van technische, economische, legale en logistieke aard, voordoen. Deze masterproef biedt handvaten aan voor het maken van deze ommekeer. Met als doel het maximaliseren van de hoeveelheid teruggewonnen materialen worden de opportuniteiten en obstakels met betrekking tot hergebruik bij de afbraak van Blok B geëvalueerd. Het succesvol uitrollen van dergelijke hergebruikstrategie heeft pas kans op slagen als de daarbij horende uitdagingen worden aangegaan. Een afgestemde coördinatie tussen de verschillende betrokken partijen en een opeenvolging van heldere procedures spelen hierbij een sleutelrol.
Deze uitdagingen bevinden zich op drie niveaus. In eerste instantie wordt het opdrachtgevend netwerk, waarbinnen de DGFB opereert, bestudeerd. Door deze omkadering te belichten, wordt de rol blootgelegd die elke betrokken partij kan spelen in de transitie naar een circulaire bouwsector. Het uitblijven van ondersteunende maatregelen en een solide besluitvormingsbeleid bemoeilijkt dat proces. Vervolgens wordt de bewegingsvrijheid binnen het wettelijke kader omtrent openbaar aanbesteden onderzocht, waarbij de bestektekst dient als hefboom voor de implementatie van hergebruikdoelstellingen. De acties die een openbare aanbesteder in de voorbereidende fase onderneemt, zijn doorslaggevend voor het verdere verloop van de overheidsopdracht. Het derde luik maakt de terugkoppeling naar de praktijk. Aan de hand van een marktonderzoek worden zowel huidige als toekomstige bedrijfsvisies van uitvoerende actoren in kaart gebracht. De klassieke afbraakprocedure profileert zich als toetsingskader voor een beoordeling omtrent het uitvoeringspotentieel van ontmantelingsstrategieën vandaag.
Dit alles wordt toegepast op de casus van Blok B, waarbij de nodige stappen worden doorlopen om een voorzichtige ontmanteling met oog op hergebruik te realiseren. Dit gaat over het opstellen van een gedetailleerde inventaris, alsook de uitvoering van testontmantelingen, de opmaak van ambitieuze bestekclausules en de evaluatie van de haalbaarheid van de ontmanteling bij actieve sloopbedrijven. De verworven theoretische kennis wordt op die manier getest in praktijk én vertaald naar een eenvoudig hanteerbaar instument. Op die manier fungeert dit onderzoek als gids en adviseur voor een circulair openbaar afbraak- en ontmantelingsproces.
— Abstract, overgenomen uit de masterproef.